Cafés en hun eigenaren.

Bij de gemeente moest men ingescheven staan als verlofhouder. In dit verlofhoudersregister stond precies vermeld waar in het pand de gelagkamer zich bevond en hoeveel oppervlakte deze kamer bevatte. Maar ook waren er de z.g.n. "Stille kroegen".  Één daarvan was Zwetteweg 16, "Oude Sapke" had hier een stille kroeg. Later had Durk Legendal er een winkel met allerlei winkelwaren. Ook was er één in de Weperpolder bij het verlaat (sluis) bij de Fennevaart in het "Verlaathuisje". waar de sluiswachter woonde.

Met dank aan Poppe Jansma voor het vele onderzoekswerk dat hij heeft gedaan en het beschikbaar te willen stellen aan de Historische Vereniging Haule.


Het Felaathûske yn ‘e Weperpolder.

( De herberg, het sluisje en de dokter)

Op 31 juli 1852 komt er een overeenkomst tot stand tussen de Compagnons en de eigenaren van het “Weperveen”. Die eigenaren-het waren er 43- zijn in hoofdzaak leden van de families Koops, van Weperen, van Rozen en Russchen.

Die overeenkomst heeft betrekking op “samenstelling van eenen polder uit hunnen tegen elkander liggende gronden onder de dorpen Haule en Oosterwolde”.

Op 7 oktober 1852 werd toestemming verkregen van de Gedeputeerde Staten, dat in de Haulerpolder ( vanaf plusminus 1923 spreekt men over de Weperpolder) een vallaat met woning zou worden gebouwd.

En op 9 november 1852 vindt in Oosterwolde in het logement de Gouden Klok de publieke
aanbesteding plaats van een achtkante windwatermolen bij de Haulerzet met een molenaarswoning en een bouwwerk omvattende een schutsluis met schutkolk met een sluiswachterswoning.

De bedoelde sluis, het z.g. Haulerverlaat werd gebouwd ten behoeve van de vervening van de in de Hauler – Weperpolder gelegen gronden én om de stand van het water op het juiste peil te brengen. In de Weperpolder was dit wel een meter lager dan het nabij gelegen Drentse waterpeil.

FullSizeRenderRestanten schutsluis Weperpolder (foto archief gemeente)


Foto van een deel van het sluisje ( gemeentelijk foto-archief , volgens een bijschrift is de foto in 1957 gemaakt)


Ook deed de sluiswachterswoning dienst als herberg.

De veenbazen betaalden er hun loon uit aan de veenarbeiders.

Ook de schippers kwamen er geregeld: de turf moest immers worden afgevoerd.

Een van de eerste bewoners van deze herberg was de familie Hoekstra: volgens de heer J.M. Hoekstra is zijn vader daar geboren in 1861.

Na de familie Hoekstra heeft Tjamme Rooks er nog een aantal jaren gewoond en was dus ook sluiswachter.

Hendrik Westerhof kon zich nog herinneren dat over dat sluisje een bruggetje lag. “Doe wy nei skoalle op ‘e Haule moasten, hat ús heit een reling by it brêchje lâns spikere, om ’t hy benaud wie, dat wy yn it slúske fytse soene”.

Ook herinnerde Westerhof zich, dat de vrouw van de sluiswachter ook een functie had.

Ze was een “wonderdokter” en behandelde de zieken met kruiden.


Haulerpolder8 1 Kaart Hauler-en Weperpolder met sluis en molens

Vanaf Oosterwolde via de Rendijk naar de Rolpaal, stond aan de rechterkant van de reed, de herberg en aan de linkerkant een schuurtje voor opslag.

It boerd.

Jûns wanneer ’t nog ljocht wie, hie ús mem sa no en dan de rite, dat se der nog eefkes út woe.

Dat gong te foet, faak lâns de wyk of ’t lân yn . En se fertelde ús dan wat der te hearren en te sjen wie.

Sa ek op dy neisimmerjûn nei ’t brea iten.

Ús heit hie ’t lân ploege, ’t lân dêre de slûswachterswenning/ de herberg en ’t skuorke stûn hie.

’t Wie een ien en al modder, mar ús mem woe der hinne. Doe’t wy op it plak kamen sei se: “ En no sykje, , sjen of we nog wat fyne kinne, wat út ’t kroegje kaam is”.

En ja hear, al gau fûnen wy een stik fan een wandboerd, mei derop een gedeelte van een tekst. Fierder sykje dus! Yn de modder krekt salang, dat ’t hiele boerd kompleet wie.

Thús....de brut ûnder de pomp ófspiele en de skerven oan elkoar passe.

En doe koenen we tekst hielendal lêze, de tekst wie: Mensens lot komt van God

“Oh”, ...sei ús mem doe’t se dat seag.

Folle letter had se boerd foartsmyten, omdat it sa gammel wie en nog letter hie se dêre spyt fan.

(Hielkje Westerhof)

Vertaling; "It boerd".

stuk en bordScherf en bord van verpleegden uit het gesticht.

Volgens Hendrik Westerhof gingen vroeger de landlopers en bedelaars, zodra ze uit het gesticht in Veenhuizen kwamen een borrel drinken in deze herberg. Daar was men dan onderhand wel aan toe.

En wanneer ze weer de vrijheid tegemoet traden, kregen ze een wandbord mee van dat Gesticht, als aandenken. Vaak met een moraliserende of stichtelijke tekst.

Waarschijnlijk is het bord in de herberg geruild voor een neut.

Na de vervening deed de sluis nauwelijks dienst meer, de woning werd afgebroken en een nieuw boerderijtje werd gebouwd ten noorden van de Fennevaart.

Nu kon de bewoner naast boer zijn, de sluis bedienen. Dat laatste werd dus een nevenfunctie.

De familie Bosma heeft nog op deze boerderij gewoond en ook de sluis bediend.

De sluis werd in 1939 een stuw en een sluiswachter was dus overbodig.


Het Felaathûske spreekt nog steeds tot de verbeelding van de bewoners van de Weperpolder!

Bij een optocht op de Haule wist de buurt van de Polder met hun versierde wagen weer in de prijzen te vallen....dit keer met een wagen welke het Felaathûske moest voorstellen.

Dit huisje is gemaakt zoals de mensen in de polder het zich in hun fantasie voorstelden: Er is tot nu toe geen enkele afbeelding bekend van de sluiswachterswoning /herberg!

Wel is hier in een gedeelte van de aanbesteding uit 1852 te lezen hoe de indeling was van deze woning.

Omschrijving sluiswachterswoningIndeling verlaat huisje in bestek uit 1852

Foto van optocht Haule met als onderwerp het verlaathuisje.

Bronnen: De Gaaste en in het bijzonder Albert Oost, die de bruikbare informatie heeft verschaft.

« Vorig Volgende » (Pagina 2 van 8)
Laatst aangepast opzaterdag 06 juni 2020 10:32

Weer