0 – 1900

15000 voor Christus
1313 oorkonde
1868 Grote brand
1873 Aanleg kunstweg (Macadam)
1895 Oprichting zangschool

15000 voor Christus

List item
List item
List item

De Haulerpoel toont aan dat er 15000 voor Chr. al mensen op de Haule woonden.Waar de buizerd jaagt en het korhoen roept. Ulo-onderwijzer P.Houtsma uit Waskemeer ontdekte de steentijdculturen bij Haule. Welke schatten verbergt de zandrug bij de Haulerpoel nog?

Het bericht, dat wij in ons blad betreffende het vinden van steentijdculturen aan de Haulerpoel lanceerden, heeft blijkbaar ook de belangstelling getrokken van velen, die op het terrein van de voorhistorie onbekend zijn. Alleen zo is het tenminste te verklaren, dat Zondag verscheidene auto’s door het zand zijn gebaggerd van de reed, die bij Haule naar het terrein leidt waar de vondsten gedaan zijn en de Heidemij. een legertje arbeiders laat worstelen met „poerminne grûn”, zoals een der grondwerkers het uitdrukte. Wie een soort Fries Pompeii verwacht mocht hebben in de wildernis van veen, zand en heide tussen Haulerwijk en de weg van Donkerbroek naar Haule, heeft een grote teleurstelling beleefd. Want eigenlijk is er in het terrein zelf weinig of niets te zien, althans voor wie naar „oudheden” speurt.
Maar natuurschoon is er genoeg en in ieder geval laat zich zelfs nu, in de zomer, de oorspronkelijke situatie duidelijk waarnemen:

Maar natuurschoon is er genoeg en in ieder geval laat zich zelfs nu, in de zomer, de oorspronkelijke situatie duidelijk waarnemen: een grote kom des winters een plas waar het water een meter hoog staat  met aan de Noordkant een hoge zandrug, die bij Veenhuizen begint en via het Blauwe bos zich voortzet in Westelijke richting en de steentijdmensen tot een weg diende door de moerassen.

De plaats bij de Haulerpoel, waar de opgravingen zijn gedaan.   

Dwars door dit met heide begroeide terrein loopt een in de oorlog aangelegde brandsingel en in de hier bloot gekomen grond vond de heer P. Houtsma onderwijzer aan de U.L.0.-school te Haulerwijk en amateur-oudheidkundige, enkele jaren geleden stenen werktuigjes, die zijn aandacht trokken en die hem deden besluiten, prof. Van Giffen met de vondsten in kennis te stellen. Het vorig jaar zijn toen onder leiding van dr. A. Bohmers, conservator van het Biologisch-archeologisch instituut te Groningen, gravingen gedaan, die de meest belangrijke resultaten opleverden.                                                                

Gytja, ’n grondsoort uit de IJstijd
De werktuigjes, die er in groot aantal werden gevonden, behoorden tot het Palaeolithicum, de oude steentyd, en dateerden uit omstreeks 15000 voor Chr. Nu zijn ook elders in onze Wouden wel palacolithische vondsten gedaan (al blijven ze altijd zeer belangrijk), maar in Haule  zo vertelde de heer Houtsma ons  bleek het mogelijk ze juist te dateren. Een onderzoek van dr. Waterbolk toonde n.l. in de poel de aanwezigheid aan van een in de Ijstijd gevormde grondsoort, de z.g. gytja (Deens, uitspr.: jutja), een vettige bruinachtige grond. In deze grond werden in min of meer versteende vorm stuifmeelkorrels aangetroffen en wel in de onmiddellijke nabijheid van de vondsten, die op de oever van de plas lagen. Door het onderzoek van deze korrels (de pollen-analyse) kon worden nagegaan, welke planten hier groeiden in de oude steentijd, toen het klimaat en het landschap zo sterk verschilden van thans en een toendra met grasachtige gewassen de bodem bedekte. Het onderzoek van dr. Waterbolk is nog niet gepubliceerd, evenmin als trouwens de resultaten van dr. Bohmers. Toch kan al worden meegedeeld, dat de opgravingen op een betrekkelijk kleine oppervlakte behalve de vondsten van de rendier jagers van omstreeks 15000 voor Chr. ook belangrijk materiaal aan het licht brachten uit een jongere periode, de middelste fase van het Tardenoisien, een van de vier tijdperken van het Mesolithicum. de middensteentijd, waarvoor men als grenzen aangeeft 8000 tot 3000 voor Chr.
De mensen in die tijd leefden van de jacht en van de vruchten en zaden, die zij in het wild vonden. Hun voornaamste voedsel was het vlees van herten, elanden en oerossen, maar zij legden zich ook op de visvangst toe. De oudste vishaken, die wij kennen, zijn uit die tijd en het zijn zeer kleine stenen instrumentjes, die als weerhaken dienst deden.

Microlithen     

Deze „microlithen” zijn nu bij Haule bij tienduizenden gevonden en door de aanwezigheid van de gytja was het mogelijk in plaats van ze globaal te dateren (tussen het einde van de jongste of Würm-ijstijd en de hunebeddentijd) als de tijd van hun vervaardiging aan te geven: omstreeks 5000 jaar voor Chr.

Hutkommen en haarden
Bovendien ontdekte dr. Bohmers de hutten van deze vissers van 7000 jaar geleden als verkleuringen in de bodem; ondiepe ronde kuilen van 1.75 meter middellijn. Stellig hadden zij oorspronkelijk een grotere diepte, maar het afgraven van het hoogveen heeft bij Haule de situatie gewijzigd. In Een, waar — zoals de heer Houtsma ons vertelde kortgeleden ook vondsten uit het Tardenoisien werden gedaan, zijn dergelijke kommen met een diepte van 85 cm. gevonden.
Blijkbaar werd over deze kuilen een tentdak van takken gebouwd, terwijl tussen de hutkommen talrijke houtskoolplekken werden aangetroffen; de overblijfselen van haardjes en vuren, die vanwege het brandgevaar blijkbaar buiten de hut waren aangelegd. Deze vondsten enig in Europa maken het terrein bij de poel tot een belangrijk gebied voor de wetenschap. De opgravingen zijn nog lang niet voltooid en de geleerden verwachten van Haule nog veel. Bovendien willen zij een gedeelte van het terrein in onvergraven toestand aan het nageslacht overlaten dat wellicht over fijnere methoden beschikt en daardoor nog meer geheimen aan de bodem zal kunnen ontfutselen ongetwijfeld een nobele opvatting.

Een vereiste is natuurlijk, dat de „ontginning” die bezig is dit woeste terrein waar de adders zich zonnen, de buizerd’ cirkelt, de bergeend broedt en de korhanen baltsen, wordt stopgezet. Voor wei- en bouwland deugt deze inferieure grond toch niet en boompjesplanten kan ook wel op andere plaatsen. De barre naakte zandwoestijn, die zich nu door middel van spaden en kruiwagens in de richting van het prehistorische terrein beweegt, lijkt ons geen geschikt pleidooi om deze 20 ha. „woeste grond met mogelijke schatten aan duizenden jaren oude beschavingen tot moderne cultuursteppe te maken! 

Bron: Leeuwarder courant. 1951

01- 09 -1313 Oorkonde betreffende grensbepaling tussen Haule en Bakkeveen.

Aan alle christenen die dit zullen zien en horen brengen wij hier, die aanwezig zijn, Siardus de jongere uit de Hemrik; Akederus,de zoon van Tithardus Mellingha van Beets, grietmannen van de Stellingen Superhaudmar en de gemeenschap van dezelfde Stellingen een heilgroet en beschrijving van de getroffen maatregelen.

Aan alle christenen die dit zullen zien en horen brengen wij hier, die aanwezig zijn, Siardus de jongere uit de Hemrik; Akederus, de zoon van Tithardus Mellingha van Beets, grietmannen van de Stellingen Superhaudmar en de gemeenschap van dezelfde Stellingen een heilgroet en beschrijving van de getroffen maatregelen. Alles in het geheugen te behouden en niets te vergeten,  is meer goddelijk dan menselijk; daarom tekenen wij de maatregelen, die door ons met vooruitziende blik en na rijp beraad zijn getroffen, schriftelijk op, dat die niet in toekomstige tijden aanleiding tot een geschil kunnen veroorzaken.
Laat het derhalve duidelijk zijn voor nu en in de toekomst dat, de geestelijken in Backum 1)  verblijvende broeders van Mariëngaarde en hun medeburgers aan de beide zijden aan de ene kant ( de enen partij dus)  het niet eens konden worden met de burgers van de Haule, die uit Stellingware zijn, aan de andere kant, over de scheiding of verdeling van en wildernis of moeras, die gelegen is tussen degenen, hiervoor genoemd, dat toen, nadat er lange onderhandelingen van weerszijden gevoerd zijn, het tenslotte door ons en het grootste en oudste deel van de rechters uit Stellingware nadat het inzicht van wijze geestelijken en leken hierbij had aangesloten zo geregeld is tussen hen, dat er tussen de beide koninklijke riviertjes de Bornd E en de Kunr E door precies en nauwkeurig te meten de midden van het genoemde moeras zou worden gezocht en dat zij als een teken van de verdeling op die plaats door het doortrekken van een walletje van beide delen een grens zouden hebben voor het bewerken van geslacht tot geslacht en dat de verdeling op deze wijze behoorlijk en redelijk gemaakt is.
Tegelijk met de genoemde rechters uit Stellingwarf hebben wij bevestigd en bevestigen wij onze “ferdban”*
Maar omdat wij Stallingen van Superhaudmare, hier voor genoemd, niet een afzonderlijk zegel gebruiken, zijn wij voor ditmaal accoord gegaan met een zegel van de gemeenschap van Bornde.
Gegeven in het jaar Des Heren 1313 op de dag van Egidius Abt (dit is 1-sept). En wij gezamenlijk geestelijken van Superhaudmar, in kennis van het voornoemde, bekrachtigen eveneens deze brief met ons zegel.

*Plechtige handeling v/d rechter, waarbij hij een eigenaar uit en een nieuwe eigenaar in het goed “bant”en vervolgens daarover vrede gebiedt
1) (Tussen 1232 en 1233 wordt Bakkeveen geschreven als Backenvene, in 1313 of 1343 als Backum en in 1338 als Backefene.

met dank aan A. J. van der Helm

1868 Grote brand in de ontginning van Haule

1868 Zonder dat de oorzaak tot nog toe bekend is, zijn twee hectare fraai jong dennen bos afgebrand onder Haule, gelegen in de uitgestrekte ontginning van de Compagnons der Opsterlandsche en Oostellingwerfse venen en vaarten.
Wegens de buitengewone droogte verspreidde het vuur zich snel, totdat het aan een groot aantal toegesnelde personen gelukte het te blussen en andere percelen te bewaren.

1873 Het besluiten tot aanleg van een Kunstweg (Macadam) over de Haule

1873  In 1873 moest de gemeente raad nog afwijzend beschikken over het aanleggen van een Macadam weg over de Haule, vanwege de belabberde financiële omstandigheden van de gemeente.
1875 In 1875 waren er plannen van particulieren voor een Macadamweg over de Haule aan te leggen, dit werd voorgesteld door de “Vereniging de Vooruitgang” uit Haulerwijk
1889  Proefstuk aanleg Macadamweg op de Kloosterweg.
1891  In 1891 deed men steenboringen om te kijken of er voldoende steen te vinden was om de Macadamweg aan te leggen, daar bij stuitte men op een steen van 225 hl.

1895  Voorstel van Ged. Staten tot het verkennen van subsidie aan de gemeente Ooststellingwerf in de kosten van aanleg van kunstwegen in die gemeente.

De Raad van Ooststellingwerf heeft bij adres verzocht, aan die gemeente tot de kosten van aanleg enz. van kunstwegen subsidie te verlenen uit de provinciale fondsen voor: Macadamwegen van Oosterwolde en Donkerbroek naar Haule, naar het verenigingspunt der wegen langs Haule tot Koudenburg en van daar door naar Haulerwijk zo mogelijk in aansluiting bij gelijksoortige wegen van de gemeente Leek, en de straatwegen te Oosterwolde en Donkerbroek, volgens bijgaand afschrift-bestek en proces-verbaal van aanbesteding, gekost hebbende ƒ11,900. Na uitvoerige beschouwingen stellen Ged. Staten voor, te besluiten; Aan het gemeentebestuur van Ooststellingwerf een subsidie te verstrekken van 20% van de aanleg kosten, dit met de volgend voorwaarden;
1e Dat op de weg geen tol zal worden geheven
2e Dat de gehele weg, op de wijze zoals die in het plan is omschreven, moet worden aangelegd en voortdurend in goede staat moet worden onderhouden.
3e Dat jaarlijks minstens 1000 meter moet worden aangelegd.
4e Dat het gemeentebestuur binnen 2 maanden met het gestelde akkoord moet zijn gegaan.

De gemeente raad gaat akkoord met dien verstande dat jaarlijks meer dan 1000 meter word aangelegd berekend naar f 3,00 per strekkende meter of zoveel meer.

1897 Thans gaat de gemeente verder. Niet uitsluitend onderhoud van wegen, maar uitbreiding van het bestaande net is nu haar leus.

Wij noemen met name hier het dorp Haule, dat toch tot dezen tijd, als ’t ware van het algemeen verkeer was verstoken, doordat het met geen enkelen kunst weg aan andere dorpen was verbonden. Sedert een paar jaar wordt bij wijze van werkverschaffing er op gewerkt, en na een vol jaar zal het een feit worden, dat Haule zijn grindweg heeft, net als alle andere dorpen dezer gemeente.

Welk een vooruitgang op materieel gebied voor zo’n dorp! En daar nu bij het gemeentebestuur het plan rijpt, om deze nieuwe weg in verbinding te stellen met Zevenhuizen en Leek (over Haulerwijk), om zó in kortere verbinding te komen met Groningen, dan is het nog niet te voorzien, welke maatschappelijke belangen er voor een dorp als Haule uit zo’n eenvoudige werkverschaffing kunnen en zullen voortvloeien.

De huidige asfaltweg is vlak voor de 2e W.O. gereed gekomen.

In latere jaren is men hier bezig met het onderhoud van de Macadamweg waar altijd veel onderhoud aan bleef.

Foto uit 1937 ter hoogte van de Claes Egbesweg. Hier zijn wegwerker Jan van Wijk sr. en voerman Jaap Dermois bezig de weg te repareren

1895 Oprichting zangschool

1895 Onder, leiding van het hoofd der school, de heer v. d. Broek is ene zangschool van jongelingen en jonge dochters opgericht, die bereids 30 leden telt.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *